(Door ing Steve Brown)

NIET STEVE BROWN MAAR HOERENJONG BRUINE RAT BAS VAN HOUT AIVD/ POLITIE- INFORMANT.!!!

AMSTERDAM-NOIR-Bas van Hout

De feiten

De misdaadverslaggever Bas van Hout (Amsterdam, 1959) schreef voor De Telegraaf, Panorama, Nieuwe Revu, Penthouse en Playboy en werkte aan verschillende televisieprogramma’s mee. Hij schreef de boeken ‘Steve Brown Beroep: Supercrimineel – De ongecensureerde biografie’ (1995) en ‘De jacht op de erven Bruinsma en de Delta-organisatie’ (2000). Het eerstgenoemde boek van Van Hout bevatte een zogenoemd buikbandje met de tekst “Beloning: fl.500.000,- (dood of levend) voor Veronica-presentator en hard-drugs dealer Steve Brown”. Voor deze uitlokking tot moord heeft distributeur Betapress mij excuses aangeboden en een schadeloosstelling betaald om een rechtszaak te voorkomen. In het tweede boek van Van Hout stond een onrechtmatige beschuldiging jegens mij. De gewraakte passage ging over de moord in maart 1992 op drugshandelaar Tony Hijzelendoorn. Voor die moord werd ik aangehouden, maar na drie maanden weer vrijgelaten. Ik kreeg daar een schadevergoeding van 80.000 gulden voor uitgekeerd. In zijn boek schreef Van Hout dat ik een deal met Justitie had gesloten. Aangezien dit volstrekt onjuist was, wist ik Van Hout via een rechtszaak in 2001 te dwingen om de passage over de vermeende deal uit het boek te halen. Het boek moest daartoe uit de handel worden genomen. Verder heeft Bas van Hout mijn leven op het spel gezet met tal van uit de lucht gegrepen beschuldigingen. In 2007 heb ik daarom aangifte gedaan van onder meer stalking en laster door Van Hout.

Eenzijdige verhalen

Tony Hijzelendoorn werd in 1992 in Wilnis vermoord, door ex-politieagent Martin Hoogland en enkele Joegoslaven. Van tevoren had ik Tony gewaarschuwd, zo hebben vrienden van hem achteraf tegenover de politie bevestigd. De dag na de moord liet Hoogland vol trots mij de Rolex zien die hij op Tony had buit gemaakt. Hoogland en een Joegoslaaf met de bijnaam Smiley maakten mij bovendien duidelijk, met een pistool op mijn hoofd, dat ik Tony niet had mogen waarschuwen. Deze Smiley werd later, in aanwezigheid van zijn vrouw en kind, in Café de Big in Amsterdam doodgeschoten. Omdat Martin Hoogland en zijn maten Tony Hijzelendoorn op brute wijze hebben doodgemarteld, heb ik daar in 1994 tegenover de politie niet mijn mond over gehouden. Sindsdien zou ik een ‘snitch’ zijn, een verrader. Wat echter in de verhalen van Bas van Hout over deze liquidaties consequent niet wordt vermeld, is dat Martin Hoogland en zijn maten bij de politie hebben geprobeerd om mij de moord op Tony in de schoenen te schuiven. Allerlei criminelen blijken na hun dood van alles aan Bas van Hout te hebben bekend, behalve Martin Hoogland. Waarschijnlijk was dat niet in het belang van een of ander boek van Van Hout…

Wiens brood men eet…

Wiens brood men eet, diens woord men spreekt, is Van Hout niet vreemd. Bovendien waait hij mee met elke wind die hem welgevallig is. Toen ik nog de betalingen met hem deelde die mij door RTL, Panorama en andere media werden gedaan, noemde Van Hout mij, onder meer in zijn artikelen in Panorama, een man van zijn woord en werd ik volgens hem ten onrechte in de pers als crimineel afgeschilderd. Nadat ik echter met hem had gebroken, was ik volgens Van Hout de smerigste persoon op deze aarde, de moordenaar van Tony Hijzelendoorn en supercrimineel. Bovendien deed Van Hout aangifte tegen mij voor ontvoering en mishandeling (terwijl ik hem na een zitting bij de Raad voor de Journalistiek alleen maar had willen aanspreken). Ook Etienne Urka, ooit de lijfwacht van Klaas Bruinsma, was volgens Van Hout een man van zijn woord. En ook Urka werd volgens hem ten onrechte in de pers als grote crimineel afgeschilderd. Kort daarna werd Urka op een vliegveld bij Parijs gearresteerd. Hij had het manuscript bij zich van het eerste boek van Van Hout, ‘De jacht op de erven Bruinsma en de Delta-organisatie’, wellicht om dat in Frankrijk te gaan redigeren. Na de arrestatie van Urka bekenden onder anderen Robert Mink Kok en Jan Femer aan Van Hout dat zij de grootste criminelen waren en niet Etienne Urka, die pas na jaren van opsluiting met de schrik vrijkwam.

…diens woord men spreekt

Ook de Serviër Sreten Jocić was volgens Van Hout een man van zijn woord en werd volgens hem ten onrechte in de pers als een grote crimineel afgeschilderd. Kort daarna had Van Hout samen met mr. Jan Boone, de advocaat van Martin Hoogland, een ontmoeting met een Joegoslaaf in voormalig Joegoslavië. Deze Joegoslaaf bekende toen aan Van Hout dat hij de moordenaar van Klaas Bruinsma was. Martin Hoogland, een man van zijn woord volgens Van Hout, was volgens hem onschuldig aan de moorden op Tony Hijzelendoorn en Klaas Bruinsma. Hoogland was een kei van een vent, volgens Van Hout, die een dag voordat Hoogland werd vermoord nog een bezoek aan hem bracht. Ook Sam Klepper en John Mieremet waren mannen van hun woord, volgens Van Hout, en veruit de machtigsten in de onderwereld. Dapper en niet laf, aldus de rouwadvertentie die Van Hout in De Telegraaf liet plaatsen. Maar nadat ze waren vermoord, Klepper in 2000 en Mieremet in 2005, waren het volgens Van Hout kleuters in vergelijking met bijvoorbeeld Willem Holleeder.

Nog meer mannen van hun woord

Jan Femer en Mink Kok, mannen van hun woord volgens Van Hout, waren in al hun daden onafscheidelijk en werden volgens Van Hout ten onrechte grote criminelen genoemd. Hij stelde dat zij onschuldig waren aan de moord van de Alkmaarse hashhandelaar Jaap van der Heiden in 1993. Nadat Jan Femer in 2000 was vermoord, had deze volgens Van Hout aan hem bekend dat hij alleen de moordenaar van Van der Heiden was. Mink Kok leeft nog (weliswaar in een Libanese gevangenis vanwege cocainebezit) en is dus volgens Van Hout (nog) onschuldig aan de moord op Van der Heiden. Willem Holleeder wordt volgens Van Hout ten onrechte als de grote afperser afgeschilderd van John de Mol, Joop van der Ende en anderen en ook Holleeder is natuurlijk weer een man van zijn woord. Kortom, zolang iemand nog leeft en voor de media en de politie in trek is, staat Bas van Hout op goede voet met hem. Zolang er voor Van Hout wat te halen is, verzorgt hij de public relations voor de desbetreffende persoon. De ene dag is iemand nog de grootste en machtigste en intelligentste en charmantste onderwereldfiguur en de volgende dag, meestal nadat de betrokkene is vermoord, wordt hij door Van Hout als kleuter afgeserveerd en schuldig aan de ergste misdaden bevonden. Dan ineens is het geen man van zijn woord meer…

Onder vuur genomen

In december 2005 werd op de website van De Telegraaf in grote koppen het nieuws gebracht dat er op mij een vijfde aanslag zou zijn gepleegd. Deze informatie zou Leo van Rooijen, oud-journalist van Privé en vaste adviseur van Evert Santegoeds, gekregen hebben van Bas van Hout. Het was niet de eerste onzorgvuldige berichtgeving door Van Rooijen. Eerder verzon hij verhalen over seksopnamen van advocaat Bram Moszkowicz, die voor iedere geïnteresseerde voor 20.000 euro te koop zouden zijn. Vanzelfsprekend heb ik naar aanleiding van het verhaal om opheldering gevraagd bij de directie van De Telegraaf en ook bij de misdaadverslaggever van deze krant, John van den Heuvel. Prompt werd ik gebeld door een agent van de Criminele Inlichtingen Eenheid, ene ‘Peter’, met het dringende verzoek om zijn “gabbertje” John van den Heuvel niet meer lastig te vallen. Zou ik dat wel doen, dan “zouden de consequenties voor mij zijn”. Later moest Van den Heuvel, op mijn aandringen, tegenover de Raad voor de Journalistiek toegeven dat er geen aanslag op mij was gepleegd en dat ik hem nooit had gebeld. Daarmee was bevestigd dat Bas van Hout en Leo van Rooijen het bericht hadden verzonnen, maar een rectificatie ervan bleef uit. Wel werd John van den Heuvel kort daarop door Evert Santegoeds ‘onder vuur genomen’, door hem in het openbaar ervan te betichten een buitenechtelijke zwangerschap te hebben veroorzaakt.

Bedreigd met aids

Evert Santegoeds en Bas van Hout hadden overigens al een relatie toen Santegoeds nog hoofdredacteur van Story was. Hij was destijds niet te beroerd om een voorpublicatie te plaatsen van de verhalen van Peter R. de Vries en Bas van Hout waarin ik de kwade genius was. Vanzelfsprekend kon ik het niet nalaten om bij VNU in Hoofddorp mij verhaal te doen. Toen ik een balpen uit mijn binnenzak wilde pakken, meenden de beveiligingsbeambten dat ik een vuurwapen wilde trekken. Uiteindelijk werd ik door vijfentwintig agenten afgevoerd. VNU betaalde mij een schadevergoeding voor het onzinverhaal (een bedrag van vijf cijfers), maar Santegoeds vond het toch nodig wegens bedreiging aangifte tegen mij te doen. Later kwam ik hem tegen in de Reguliersdwarsstraat in Amsterdam en wilde hem aanspreken. Meteen schreeuwde hij het uit dat ik hem met een pistool bedreigde, waarna al snel enkele politiewagens arriveerden. Vanzelfsprekend bleek, na ter plekke gefouilleerd te zijn, dat ik ongewapend was. Wel vonden Santegoeds en de bodybuilder die hem flankeerde, het nodig mij met een aidsbesmetting te bedreigen.

Bekentenissen vanuit het dodenrijk

Bas van Hout maakte er destijds een gewoonte van om de meest absurde verhalen te berde te brengen in het praatprogramma van Barend en Van Dorp. In maart 2006 ging het over Sreten Jocić, de Servische verdachte van een aantal huurmoorden. Van Hout vertelde dat Sam Klepper en John Mieremet, die toen al beiden waren omgebracht, natuurlijk weer aan hem hadden bekend dat zij vijf miljoen euro hadden geboden aan de huurmoordenaar Željko Ražnatović, beter bekend als Arkan, om Jocić te vermoorden. Volgens Van Hout had hij Klepper, Mieremet én Jocić bij zich geroepen om de geplande moord te voorkomen. Het resultaat was desastreus: niet Jocić , maar Sam Klepper en John Mieremet werden vermoord… Deze keer schilderde Van Hout hen niet als kleuters af, zoals hij eerder had gedaan, maar als zeer machtige personages in de onderwereld. Van Hout vertelde bovendien dat hij samen met Jocić en mr. Jan Boone, de advocaat van Martin Hoogland, een Joegoslaaf had getraceerd die spontaan aan hem had bekend dat hij – en dus niet Martin Hoogland – de moordenaar van Klaas Bruinsma was. De politie vond het niet de moeite waard om deze Joegoslaaf te ondervragen, maar Barend en Van Dorp, marionetten van John de Mol, hadden er geen moeite mee Bas van Hout te geloven.

Zelf een verdachte

In september 2006 was Bas van Hout zelf een verdachte en wel in een onderzoek naar het lekken van politieinformatie. Hij werd ervan verdacht dat hij in het bezit was geweest van vertrouwelijk materiaal. Deze verdenking kwam voort uit een onderzoek naar een rechercheur van de Dienst Nationale Recherche. Die werd ervan verdacht gevoelige informatie aan de Hells Angels te hebben gelekt. Van Hout werd niet gearresteerd, omdat hij, volgens Justitie, “volledig meewerkte”. Tijdens zijn verhoor, door het parket in Rotterdam, slaagde Van Hout erin vanaf het toilet zijn advocaat te bellen en hem op de mouw te spelden dat hij werd gegijzeld. De Nederlandse Vereniging van Journalisten sprak er schande van en eiste een gesprek met de rechter-commissaris in Rotterdam. Mijns inziens had het parket er goed aan gedaan Van Hout aan de tand te voelen over zijn dubbelrol op het slagveld van corrupte rechercheurs en onderwereldfiguren.

Ontmaskerd

Al is de leugen nog zo snel, de waarheid achterhaalt hem wel. Na tien jaar misdaadjournalistiek door Bas van Hout was zijn dubbelrol als maffiajournalist en politie-informant uitgespeeld. Kennelijk hadden ambtenaren bij Justitie genoeg van zijn dodelijke en verraderlijke spel en vonden zij dat zijn informatie niet meer opwoog tegen de ellende die hij veroorzaakte. Volgens de Amsterdamse televisiezender AT5 liep er zelfs een strafrechtelijk onderzoek tegen hem, zo interpreteer ik de berichtgeving door AT5, omdat hij hand- en spandiensten voor Holleeder verrichtte. Van Hout had immers in het televisieprogramma van Barend en Van Dorp op RTL4 Holleeder zitten vrijpleiten van afpersing van John de Mol. Bovendien had hij zitten pochen, volgens het eerder in dit hoofdstuk beschreven patroon, dat hij Holleeder de dag voor diens arrestatie nog had ontmoet. Een bijzondere rol werd gespeeld door een hoge ambtenaar bij de politie of Justitie met de bijnaam ‘De Pet’. Volgens vastgoedman Willem Endstra kreeg Willem Holleeder alle mogelijke informatie over onderzoeken van deze ‘De Pet’, zo berichtte Teletekst in maart 2006. Daarnaast gebruikte de organisatie van Holleeder, volgens Endstra, een niet bij name genoemde journalist “tegen wie een strafrechtelijk onderzoek loopt”, aldus Het Parool. Inmiddels is duidelijk wie die journalist was.

Bekentenissen vanuit een Zuid-Europese gevangenis

In Het Parool werd de groep rond Willem Holleeder van maar liefst vijfentwintig moorden beschuldigd, evenals van de dreiging om John de Mol en zijn zoon te ontvoeren. Tevens werd gemeld dat een politieman en een journalist deel van de groep uitmaakten. De beschuldigingen kwamen uit politierapporten die op de verklaringen van vastgoedman Willem Endstra waren gebaseerd. Het was duidelijk wie met deze journalist werd bedoeld, namelijk Bas van Hout, tegen wie destijds een strafrechtelijk onderzoek liep vanwege het helen van gestolen informatie. In het programma van Barend en Van Dorp sprak Van Hout alle beschuldigingen tegen. Holleeder had hem zelf nog toevertrouwd dat hij nog nooit een moord had gepleegd en Holleeder was een man van zijn woord, volgens Van Hout. Bovendien hadden twee onafhankelijke getuigen, Klepper en Mieremet, toen ze nog in leven waren aan Van Hout meegedeeld dat als zij iemand wilden vermoorden, Holleeder dat altijd wilde tegenhouden. Van Hout raakte in deze uitzending pas echt goed op dreef toen hij Willem Endstra ervan beschuldigde tegen de politie te hebben gelogen en achter diverse moorden te zitten. Ook Endstra was toen al dood en kon hem dus niet meer tegenspreken. Bovendien zou een Zuid-Europese huurmoordenaar, die voor twee liquidaties al twintig jaar in de gevangenis zat, aan Van Hout hebben bekend dat hij 27 miljoen gulden aan Endstra had betaald. Hij had dat geld nooit teruggezien, maar er waren wel twee moordaanslagen op hem gepleegd. Een naam kon Van Hout niet noemen, ook niet aan de politie.

Niets dan de waarheid

In het boek ‘Stille Willem – De dodelijke spagaat van vastgoedbaron Willem Endstra’ van Vrij Nederland-journalist Harry Lensink kondigt Willem Holleeder aan dat er nog een boek zal verschijnen over de “hele waarheid” omtrent de vastgoedman, geschreven door Bas van Hout. Ook hieruit blijkt dat Van Hout bij Holleeder zijn onderdak heeft gevonden. Dat de notoire leugenaar Bas van Hout met de waarheid kan komen, betwijfel ik zeer. Kan Holleeder het zich permiteren om als verdachte van ongeveer het hele Wetboek van Strafrecht tegenover Bas van Hout de waarheid te spreken? Of kan Van Hout het zich permitteren op te schrijven wat hij wil? Beide mogelijkheden lijken mij zeer onwaarschijnlijk. Het lijkt me voor Van Hout een onmogelijke opgave om de waarheid op te schrijven. Holleeder heeft echter aangekondigd dat de waarheid eraan komt en Holleeder is volgens Bas van Hout een man van zijn woord, dus we wachten geduldig af.

Nog eens: niets dan de waarheid

In het praatprogramma van Barend en Van Dorp beweerde Bas van Hout met droge ogen dat ik betrokken was bij het plan om de zoon van John de Mol te ontvoeren. In 2003 zou de politie informatie hebben gekregen dat Willem Holleeder plannen had om De Mol met die dreiging geld af te persen en ene ‘B’, volgens Van Hout, had daarmee te maken. Nadat ik Barend en Van Dorp in een boze brief om opheldering had gevraagd, bevestigde Van Hout dat ik die ‘B’ was. Ik zou rond 2003 het dreigement hebben verspreid dat De Mols zoon “erg kwetsbaar” was en dat er Oostblokkers op hem zouden loeren in verband met een mogelijke ontvoering. Wat mij betreft is het duidelijk dat Van Hout mij de schuld van de afpersing in de schoenen wilde schuiven om het straatje van Holleeder schoon te vegen. Van Hout zat immers nog te wachten op een opdracht van Holleeder om een boek over “de hele waarheid” te schrijven. En wiens brood men eet…

Blinde journalisten

Gawie Keyser, journalist van de Groene Amsterdammer, refereerde in een artikel aan het optreden van Bas van Hout in het televisieprogramma B&W, van Sonja Barend en Paul Witteman. Van Hout had daarin verteld over zijn hartelijke relaties met criminelen als Sam Klepper. Ook vertelde dat hij eens een misdadiger had “aangesproken” over het feit dat die de handen van een man had afgehakt. Ik kan er met mijn pet niet bij dat iemand dergelijke idioterie zonder kanttekeningen en bedenkingen optekent. Wie is die man die nu geen handen meer heeft? Waar, wanneer en waarom zijn z’n handen afgehakt? Waarom is daar nooit over gepubliceerd? Gaat Gawie Keyser ervan uit dat het afhakken van handen in de wereld van de criminaliteit dagelijkse kost en dus geen nieuws is? Hoe kan een journalist van de Groene Amsterdammer kritiekloos over dergelijke nonsens schrijven? En hoe is het mogelijk dat Bas van Hout na dergelijke uitlatingen ook door andere journalisten nog serieus wordt genomen? Het is mij een raadsel.

Twee handen op één buik

Jarenlang waren het twee handen op één buik: Bas van Hout en Jan van Looijen, chef van de Criminele Inlichtingen Eenheid. Zo bleek ook maar eens toen een medewerker van Justitie loslippig was geweest over de praktijken van Bas van Hout en zijn criminele vrienden. Prompt liet een bodybuilder uit het kamp van Holleeder weten daar niet van gediend te zijn. De man van Justitie was daar vanzelfsprekend zeer van onder de indruk en besloot aangifte te doen van bedreiging. Toen hij zijn chef daarvan op de hoogte bracht, gaf deze te kennen dat aangifte doen tegen Bas van Hout zeer onverstandig zou zijn. Voor de zekerheid werd de Justitiemedewerker op non-actief geplaatst.

Bloed aan zijn handen

Hoe ver gaat een maffiajournalist? Gaat hij zover dat hij moorden ongestraft laat? Laat hij moordenaars vrij rondlopen? Houdt hij kennis onder de pet waarmee moorden kunnen worden voorkomen? In juni 2011 schreef Bas van Hout in een artikel in Panorama dat hij sinds 2000 wist wie de opdrachtgevers van de moord op Klaas Bruinsma waren. Volgens hem waren dat Sam Klepper en John Mieremet. Zij hadden de moord op Bruinsma al in 2000 tegenover Van Hout bekend. Vreemd eigenlijk. Waarom zouden zij dat aan Van Hout hebben verteld? Nou, omdat Bas van Hout hun biechtvader was, aldus Van Hout zelf. Zij hadden hem verteld dat ze een lijstje aan het afwerken waren, waarop niet alleen Klaas Bruinsma stond, maar onder anderen ook advocaat Evert Hingst. Ging Van Hout met deze wetenschap naar de politie? Hij is dat immers wettelijk verplicht volgens artikel 161 van het Wetboek van Strafrecht. Nee, Van Hout wachtte met die wetenschap tot juni 2011. De mediahype ter gelegenheid van het feit dat het twintig jaar geleden was dat Bruinsma was vermoord, vond Bas van Hout een goede gelegenheid om zijn kennis met anderen te delen. Niet met de politie, maar met de lezers van Panorama. Had hij zijn kennis eerder geopenbaard, dan hadden Klepper, Mieremet, Hingst en wellicht ook nog een aantal anderen, misschien nu nog geleefd. Kortom, Bas van Hout heeft bloed aan zijn handen.

Windmolen

Toen Sam Klepper en John Mieremet nog leefden, roemde Bas van Hout hen als intelligente, knappe en handige ‘self made’ zakenmannen. Sam Klepper was zelfs ‘dapper en niet laf’, volgens de rouwadvertentie die Van Hout in De Telegraaf liet plaatsen. Hij verzorgde de publiciteit voor de twee heren en liet niet na hen als toffe gozers aan te prijzen. Na een fikse storm in de Amsterdamse onderwereld, waarbij Klepper en Mieremet het leven lieten, koos Bas van Hout eieren voor zijn geld en trad toe tot het kamp van Holleeder, de grootste rivaal van Klepper en Mieremet. Plots had hij voor zijn gabbers van weleer geen goed woord meer over en deed hen af als kleuters, seriemoordenaars en maffiabazen van het ergste soort die samen verantwoordelijk waren voor meer dan twintig liquidaties. Op deze wijze kon hij Holleeder juist vrijpleiten van al deze liquidaties. Van Hout toonde zich hiermee de grootste windmolen van de Nederlandse journalistiek, die meewaait met de wind die hem welgevallig is. Evenzo laat hij zich, wanneer hem dat uitkomt, voor het karretje van de Criminele Inlichtingen Eenheid spannen. Nogmaals: het is mij een raadsel waarom deze windmolen nog serieus wordt genomen.

Don Quichote

Als een soort Don Quichote – een geuzentitel die mij op internet werd toebedeeld – wil ik er alles aan doen om de corruptie en het vals spel aan te tonen van lieden die misbruik maken van hun maatschappelijke functie. Het gaat mij niet om de criminelen in de onderwereld, hun activiteiten zie ik zelfs als een vorm van maatschappelijk verzet. Wel gaat het mij om de criminelen die opereren onder het etiket van journalist, politieman, advocaat, notaris of mediatycoon. Deze lieden wil ik hard en zonder schroom aanpakken. Deze geldbeluste en machtswellustige jakhalzen zijn crimineel voor hun lol en niet uit een of andere noodzaak. Dankzij mijn ervaring als maatschappelijk werker in dienst van de gemeente Amsterdam ben ik gepokt en gemazeld in de wereld van eigenbelang en vriendjespolitiek. In die wereld wil ik heel graag een Don Quichote zijn.

1) Het buikbandje was als volgt vormgegeven:

 

 

2) Op bladzijde 42 van het boek “De jacht op de erven Bruinsma en de Delta-organisatie” stond onder meer het volgende vermeld: “Hoogland werd onherroepelijk veroordeeld en zou tot het jaar 2007 moeten brommen op basis van de verklaring van zijn toenmalige zakenvriend, kroongetuige en toenmalig heroinedealer Steve Brown. Later zou Brown verklaren dat hij vrijwel zeker wist dat Hoogland ten onrechte was veroordeeld, maar dit was een mooie gelegenheid geweest om zich van Hoogland te ontdoen. Had Brown niet getuigd, dan zou hijzelf zijn veroordeeld als hoofdverdachte in een andere moord – die op Tonny Hijzelendoorn. Nu kwam hij door een deal met justitie met de schrik – en een prijs op zijn hoofd – vrij.” De beslissing in deze rechtszaak luidde als volgt:

De president:

Veroordeelt gedaagden om te bewerkstelligen dat het boek “De jacht op de erven Bruinsma en de Delta-organisatie” voor zover dit is voorzien van de huidige tekst op bladzijde 42 (…) niet verder in de handel wordt gebracht.

Veroordeelt gedaagden om binnen twee werkdagen na betekening van dit vonnis de nog niet in omloop gebrachte exemplaren van het boek “De jacht op de erven Bruinsma en de Delta-organisatie” bij het centrale distributiepunt terug te halen en bladzijde 42 uit die exemplaren te (doen) verwijderen.

Veroordeelt gedaagden om binnen vier weken na betekening van dit vonnis alle bij de handel aanwezige exemplaren van het boek “De jacht op de erven Bruinsma en de Delta-organisatie” terug te halen ter verwijdering van bladzijde 42.

Bepaalt dat gedaagden voor iedere dag of gedeelte daarvan dat zij in gebreke mochten zijn aan een van de veroordelingen (…) te voldoen, een dwangsom verbeuren van f 2.000,– (TWEEDUIZEND GULDEN), zulks tot een maximum van f 50.000,– (VIJFTIG DUIZEND GULDEN).

Naar aanleiding van Van Houts zogenaamde gijzeling stuurde ik de onderstaande open brief aan het bestuur van de Nederlandse Vereniging van Journalisten

t.a.v. Algemeen secretaris Thomas Bruning
Amsterdam, 27 september 2006
C.C. de Nederlandse Pers

Geachte Bestuur,

Op 25 september 2006 heeft de heer Van Hout kennelijk een vals bericht de media ingestuurd dat hij was gegijzeld. Dat was voor u kennelijk aanleiding om per direct een persbericht terzake te publiceren. U stelt in uw persbericht het volgende: “Als een journalist afspraken rond de geheimhouding van zijn bronnen niet meer zou kunnen nakomen, dan zouden daarmee zijn informatiebronnen op den duur uitdrogen. Daarmee is de persvrijheid rechtstreeks in het geding. Een ongehinderde informatiestroom is van groot maatschappelijk belang. Immers, juist bij het aan het licht brengen van de meest ernstige maatschappelijke misstanden, zal de journalistiek afhankelijk zijn van anonieme bronnen.”

Inmiddels zijn de feiten en omstandigheden bekend dat de heer Van Hout in het geheel niet was gegijzeld en dat nota bene de heer Van Hout, in tegenstelling tot hetgeen u stelt in uw persbericht, zijn bron(nen) terzake vrijwillig heeft geopenbaard. In het licht van het hiervoor en hierna gestelde heb ik een aantal vragen voor de NVJ.

Artikel 10 van het Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens geeft m.i. terecht de journalist het recht zijn bron niet te onthullen. Staat daar dan echter ook niet een plicht tegenover indien men zich als journalist manifesteert, om ook die bron te beschermen? Heeft de NVJ dan ook niet de plicht om Van Hout erover aan te spreken dat hij het journalistieke brongeheim heeft geschonden, daarmee tevens het aanzien van de journalistiek heeft geschaad en wellicht zijn bronnen in, wat u noemt, levensgevaar heeft gebracht? Beschouwt u dat als een maatschappelijke misstand? Heeft de NVJ ten aanzien van wangedrag van zijn leden dezelfde sancties als de Orde van Advocaten (zoals het schrappen van het tableau)? En zo ja , hoe vaak heeft de NVJ een journalist van zijn ledenlijst geschrapt? Of bent u van mening dat een journalist en/of de NVJ zelf bepaalt wanneer hij of zij artikel 10 EVRM inroept? Journalisten hebben dus een soort van willekeurig eenzijdig recht zonder plichten jegens hun bron(nen). Wanneer is een persoon journalist? Moet hij daarvoor lid zijn van de NVJ? Is Van Hout lid van uw vakbond? Zover ik weet niet.

Zoals u weet heeft Van Hout een beloning van 500.000 gulden voor de moord op mij uitgeloofd. Ik vraag de heer Van Hout al jaren aan mij te laten weten voor welke misdaadgroep hij dat heeft gedaan. Kan Van Hout zich in dit verband volgens u ook op bronbescherming beroepen?

Samengevat reageert de NVJ inzake Van Hout per direct als het om bronbescherming gaat, maar als diezelfde Van Hout nota bene voor een moord een beloning uitlooft, neemt u geen stappen richting uw vakbondslid Van Hout. Geen persbericht, niets. Dan beroept u zich kennelijk al jaren op uw zwijgrecht. U spreekt van maatschappelijke misstanden. Als het feit dat een journalist een beloning uitlooft voor een moord geen maatschappelijke misstand is volgens u, wat dan wel?

In afwachting van uw antwoord,
met vriendelijke groeten,

Steven Brown

Op de misdaadwebsite http://www.camilleri.nl werd als volgt op de berichtgeving door Bas van Hout gereageerd. “Steve Brown, die destijds een getuigenis aflegde tegen Martin Hoogland in de rechtszaak rond de moord op Klaas Bruinsma, moest het opvallend zwaar ontgelden. Diverse – voornamelijk SBS6 – programma’s waaraan Bas van Hout zich had verbonden, deden hun uiterste best Steve Brown – ten voordele van Martin Hoogland – als uiterst onbetrouwbaar publiekelijk af te schilderen. Met de meest recente publicatie van Bas van Hout in de Panorama wordt Steve Brown uiterst indirect gerehabiliteerd en blijkt het juist Bas van Hout te zijn geweest die destijds de rechtsgang heeft proberen te verstoren. Martin Hoogland is dan dus toch de moordenaar van Klaas Bruinsma. Precies zoals Steve Brown altijd al beweerde.”